dcsimg

Diepslakken ( Dutch; Flemish )

provided by wikipedia NL

De diepslakken (Bithyniidae) zijn een familie van kieuwslakken. Bithynia (Leach, 1818) is het typegenus van deze familie. De dieren zijn gekleurd in tinten van grijs tot bruingrijs met een patroon van vaak gele vlekken. De kop heeft een korte snuit en één paar vrij lange en dunne tentakels.

Voortplanting

De dieren zijn van gescheiden geslacht. Er lijkt geen geslachtsdimorfie te zijn. Eieren worden afgezet op een vast substraat dat eerst door de slak wordt schoongemaakt. De eieren bevinden zich in een plat, langwerpig, kleurloos en gelatineus legsel, met 2 à 3 rijen van eieren naast elkaar.

Habitat en levenswijze

De meeste soorten leven in zoet zuurstofrijk water, er zijn er ook die zwak brak water verdragen. Het zijn grazers die leven van detritus, terwijl daarnaast kunnen ook voedseldeeltjes uit het water gefilterd worden.

Geologische historie

Voorouders van de diepslakken komen met zekerheid sinds het Boven Juratijdperk voor.

Areaal

Wereldwijd verspreid, met uitzondering van beide Amerikaanse continenten (afgezien van door de mens geïmporteerde soorten zoals Bithynia tentaculata). In Noordwest-Europa komen twee moderne soorten voor: de grote diepslak (Bithynia tentaculata) en de kleine diepslak (Bithynia leachii). In het oosten van Duitsland en verder naar het oosten en zuidoosten komt een derde soort voor die in vorm veel op de laatste lijkt maar groter kan worden dan de grote diepslak: Bithynia troscheli. Elders in Europa komen nog andere soorten voor.

Schelpkenmerken

De schelp is meestal hoogconisch van vorm, tamelijk 'opgeblazen' en is regelmatig gewonden. De windingen zijn doorgaans bol tot zeer bol. Meestal is er een ovale mondopening. De schelp heeft een nauwe navel die echter geheel bedekt kan zijn. De meeste soorten hebben geen of een weinig opvallende sculptuur. Er zijn echter ook soorten met sterk geprononceerde spiraal of axiale ribben of met een opvallende hamerslag sculptuur.

In hoogte variëren de meeste soorten tussen ongeveer 5 en 20 mm.

Diepslakken hebben een dik kalkig operculum dat in tegenstelling tot het huis uit calciet is opgebouwd. De groeistructuur kan multispiraal, paucispiraal of concentrisch zijn en is vaak een combinatie hiervan. Als dat het geval is dan verloopt de ontwikkeling van multispiraal via paucispiraal naar concentrisch waarbij de multispirale fase ook afwezig kan zijn. De laatste fase is concentrisch en komt vrijwel altijd voor, ook al kan die het kleinste deel van de opbouw in beslag nemen.

Fossiel voorkomen in Noordwest Europa

De drie in noordwestelijk Europa recent levende soorten zijn fossiel uit warme perioden gedurende het hele Kwartair bekend. Daarnaast komen drie uitgestorven soorten in deze periode voor: Bithynia bavelensis, Parafossarulus crassitesta en P. priscillae

Geslachten

Zie ook

Externe links

Bronnen, noten en/of referenties
  • (fr) Fischer, P.H., 1880-1887. Manuel de Conchyliologie et de Paléontologie conchyliologique ou histoire naturelle des Mollusques vivants et fossiles suivi d'un appendice sur les Brachiopodes par D. Oehlert. – XXIV + 1369 pp.
  • (nl) Gittenberger, E., Janssen, A.W., Kuijper, W.J., Kuiper, J.G.J., Meijer, T., Velde, G. van der & Vries, J.N. de, 1998. De Nederlandse zoetwatermollusken. Recente en fossiele weekdieren uit zoet en brak water. Nederlandse Fauna 2. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & EIS-Nederland, Leiden, 288 pp. ISBN 90-5011-201-3
  • (de) Glöer, P., Meier-Brook, C., 2003. Süsswassermollusken. Ein Bestimmungsschlüssel für die Bundesrepublik Deutschland. pp. 1-134; DJN, Hamburg (13. erweiterte Auflage); ISBN 3-923376-02-2.
  • (en) Mandahl-Bart, G., 1968. Revision of the African Bithyniidae. (Gastropoda Prosobranchia). Rev. Zool. Bot. Afr., LXXVIII(1-2): 129-160.
  • (en) Ponder, W.F., 2003. Monograph of the Australasian Bithyniidae (Caenogastropoda: Rissooidea). Zootaxa, 230: 126 pp. Magnolia Press, Auckland, New Zealand. ISBN 1-877354-02-3.
  • (de) Thiele, J., 1929-1935. Handbuch der Systematischen Weichtierkunde. Jena, (1), 1-376, 1929; (2), 377-778, 1931; 779-1022, 1934; 1023-1134, 1935.
  • (en) Vaught, K.C., 1989. A classification of living mollusca. American Malacologists Inc., Melbourne USA, ISBN 0-915826-22-4, 195 pp.
  • (de) Wenz, W., 1923-1930. Gastropoda extramarina tertiaria. Fossilium Catalogus I. (4 vols.), 3387 pp.
  • (de) Wenz, W., 1961. Gastropoda, 1, Allgemeiner Teil und Prosobranchia. In: Handbuch der Paläozoologie, 6(1) 1-948 (herdruk).
license
cc-by-sa-3.0
copyright
Wikipedia-auteurs en -editors
original
visit source
partner site
wikipedia NL

Diepslakken: Brief Summary ( Dutch; Flemish )

provided by wikipedia NL

De diepslakken (Bithyniidae) zijn een familie van kieuwslakken. Bithynia (Leach, 1818) is het typegenus van deze familie. De dieren zijn gekleurd in tinten van grijs tot bruingrijs met een patroon van vaak gele vlekken. De kop heeft een korte snuit en één paar vrij lange en dunne tentakels.

license
cc-by-sa-3.0
copyright
Wikipedia-auteurs en -editors
original
visit source
partner site
wikipedia NL

Bithyniidae ( Polish )

provided by wikipedia POL

Zagrzebkowate (Bithyniidae) – zróżnicowana rodzina ślimaków z podgromady przodoskrzelnych, grupująca małe gatunki słodkowodne, szeroko rozprzestrzeniona na świecie[1]. Liczy około 150 gatunków[2].

Cechy morfologiczne

Ślimaki małe lub średniej wielkości, muszle stożkowate, jajowate lub jajowato stożkowate, o wzniesionej skrętce. Wieczko mocne, zwapniałe, o koncentrycznych liniach przyrostów. Dołka osiowego brak lub słabo wykształcony, szczelinowaty. Zwierzęta rozdzielnopłciowe, narządy kopulacyjne z jednym lub dwoma gruczołami dodatkowymi[1]. Ktenidium (płat skrzelowy) szerokie[3].

Występowanie

Przedstawiciele zagrzebkowatych występują w słodkich wodach śródlądowych Europy, Azji Afryki, na Archipelagu Sundajskim, w Australii[4]. W Europie występuje ok. 15 gatunków zaliczanych do rodzaju zagrzebka (Bithynia Leach). W Polsce reprezentowane przez dwa gatunki: zagrzebkę pospolitą (Bithynia tentaculata) i zagrzebkę sklepioną (Bithynia leachi)[1].

Biologia i ekologia

Zajmowane siedliska

Zasiedlają różne typy wód (drobne cieki, rzeki, stawy, rowy melioracyjne, jeziora, zbiorniki zaporowe) i różne typy podłoża (od mulistych po kamieniste, także hydrofity i maty glonów nitkowatych). Występują płytko w litoralu, na niewielkich głębokościach[1].

Odżywianie

Filtratorzy i zdrapywacze, odżywiający się glonami peryfitonowymi i fitoplanktonem[1].

Podział systematyczny

Do rodziny zagrzebkowatych (Bithyniidae) należą następujące rodzaje[5]:

status i pozycja systematyczna pozostałych rodzajów zaliczanych tradycyjnie do tej rodziny są niepewne[8][9]:

Przypisy

  1. a b c d e Piechocki A. 1979. Mięczaki (Mollusca), Ślimaki (Gastropoda) W: Fauna słodkowodna Polski 7. PWN, Warszawa; str. 86-87.
  2. Strong E. E., Gargominy O., Ponder W. F. & Bouchet P. 2008. Global Diversity of Gastropods (Gastropoda; Mollusca) in Freshwater. Hydrobiologia 595: 149-166.
  3. Lilly, M.M.. The mode of life and the structure and functioning of the reproductive ducts of Bithynia tentaculata (L.). „Proceedings of the Malacological Society of London”. 30, s. 87–110, 1953.
  4. a b Glöer P. (2002). Die Süßwassergastropoden Nord- und Mitteleuropas. Die Tierwelt Deutschlands, ConchBooks, Hackenheim, 326 pp., ​ISBN 3-925919-60-0​.
  5. Bouchet P. & Rocroi J.-P. (2005) Classification and nomenclatory of gastropod families. Malacologia 47(1-2): 1-397.
  6. WoRMS 5 marca 2014 Rodzina Bithynidae w bazie WoRMS World Register of Marine Species, dostęp: 5 marca 2014
  7. Glöer P. & Pešić V. 2006. "On the identity of Bithynia graeca Westerlund, 1879 with the description of three new Pseudobithynia n. gen. species from Iran and Greece (Gastropoda: Bithyniidae)". Malakologische Abhandlungen 24: 29-36. Dresden. PDF.
  8. WoRMS 5 marca 2014 Rodzina Bithynidae w bazie WoRMS World Register of Marine Species, dostęp: 15 kwietnia 2014
  9. Rodzina Bithynidae w bazie NCBI dostęp: 15 kwietnia 2014.
  10. Lazutkina E. A., Andrejewa S. I. & Andrejew N. I. (2010). " [Boreoelona sibirica (Westerlund, 1886) (Gastropoda, Pectinibranchia, Bithynidae) in the waterbodies of Western Siberia and Middle Urals]". Ruthenica 20(2): 103-108. PDF

Bibliografia

  • Piechocki A. 1979. Mięczaki (Mollusca), Ślimaki (Gastropoda) W: Fauna słodkowodna Polski 7. PWN, Warszawa.

Linki zewnętrzne

license
cc-by-sa-3.0
copyright
Autorzy i redaktorzy Wikipedii
original
visit source
partner site
wikipedia POL

Bithyniidae: Brief Summary ( Polish )

provided by wikipedia POL

Zagrzebkowate (Bithyniidae) – zróżnicowana rodzina ślimaków z podgromady przodoskrzelnych, grupująca małe gatunki słodkowodne, szeroko rozprzestrzeniona na świecie. Liczy około 150 gatunków.

license
cc-by-sa-3.0
copyright
Autorzy i redaktorzy Wikipedii
original
visit source
partner site
wikipedia POL

Snytesnäckor ( Swedish )

provided by wikipedia SV

Snytessnäckor (Bithyniidae) är en familj av små sötvattenssniglar, under klassen snäckor.

Släkten

Noter

  1. ^ (ryska) Lazutkina E. A., Andreyeva S. I. & Andreyev N. I. (2010). " [Boreoelona sibirica (Westerlund, 1886) (Gastropoda, Pectinibranchia, Bithynidae) in the waterbodies of Western Siberia and Middle Urals]". Ruthenica 20(2): 103-108. PDF
  2. ^ [a b c d] Glöer P. (2002). Die Süßwassergastropoden Nord- und Mitteleuropas. Die Tierwelt Deutschlands, ConchBooks, Hackenheim, 326 pp., ISBN 3-925919-60-0. Reference for subgenera of genus Bithynia.
  3. ^ Glöer P. & Pešić V. (2006). "On the identity of Bithynia graeca Westerlund, 1879 with the description of three new Pseudobithynia n. gen. species from Iran and Greece (Gastropoda: Bithyniidae)". Malakologische Abhandlungen 24: 29-36. Dresden. PDF.
Charonia.png Denna blötdjurs-relaterade artikel saknar väsentlig information. Du kan hjälpa till genom att tillföra sådan.
license
cc-by-sa-3.0
copyright
Wikipedia författare och redaktörer
original
visit source
partner site
wikipedia SV

Snytesnäckor: Brief Summary ( Swedish )

provided by wikipedia SV

Snytessnäckor (Bithyniidae) är en familj av små sötvattenssniglar, under klassen snäckor.

license
cc-by-sa-3.0
copyright
Wikipedia författare och redaktörer
original
visit source
partner site
wikipedia SV

Bithyniidae ( Vietnamese )

provided by wikipedia VI

Bithyniidae là một họ ốc trong nhánh Littorinimorpha.

Các chi

Genera brought into synonymy
  • Bithinia Leach, 1818: synonym of Bithynia Leach, 1818
  • Bulimus Scopoli, 1777: synonym of Bithynia Leach, 1818
  • Bythinia Stein, 1850: synonym of Bithynia Leach, 1818
  • Digyrcidum Locard, 1882: synonym of Bithynia Leach, 1818
  • Paraelona Beriozkina & Starobogatov, 1994: synonym of Bithynia Leach, 1818

Chú thích

  1. ^ a ă Glöer P. (2002). Die Süßwassergastropoden Nord- und Mitteleuropas. Die Tierwelt Deutschlands, ConchBooks, Hackenheim, 326 pp., ISBN 3-925919-60-0. Reference for subgenera of genus Bithynia.
  2. ^ (tiếng Nga) Lazutkina E. A., Andreyeva S. I. & Andreyev N. I. (2010). " [Boreoelona sibirica (Westerlund, 1886) (Gastropoda, Pectinibranchia, Bithynidae) in the waterbodies of Western Siberia and Middle Urals]". Ruthenica 20(2): 103-108. PDF
  3. ^ Glöer P. & Pešić V. (2006). "On the identity of Bithynia graeca Westerlund, 1879 with the description of three new Pseudobithynia n. gen. species from Iran and Greece (Gastropoda: Bithyniidae)". Malakologische Abhandlungen 24: 29-36. Dresden. PDF.

Tham khảo

 src= Wikispecies có thông tin sinh học về Bithyniidae  src= Wikimedia Commons có thư viện hình ảnh và phương tiện truyền tải về Bithyniidae
license
cc-by-sa-3.0
copyright
Wikipedia tác giả và biên tập viên
original
visit source
partner site
wikipedia VI

Bithyniidae: Brief Summary ( Vietnamese )

provided by wikipedia VI

Bithyniidae là một họ ốc trong nhánh Littorinimorpha.

license
cc-by-sa-3.0
copyright
Wikipedia tác giả và biên tập viên
original
visit source
partner site
wikipedia VI